Cabernet Franc

Cabernet Franc
Ooit een stille monnik uit de Loire, nu een wereldreiziger. Cabernet Franc is een van de oudste Bordeaux-druiven en stond al in de 17e eeuw aangeplant in Chinon en Bourgueil, waar hij zijn verfijnde, kruidige karakter ontwikkelde.
Vanuit Frankrijk vond hij zijn weg naar Italië, waar hij in Friuli, Veneto en vooral Lazio een nieuw thuis kreeg. In de handen van Giorgio Pecora toont hij een andere gelaagdheid: groeiend op vulkanische bodems van tufsteen, puim en lapilli rond Cori. Daar krijgt Cabernet Franc een ongekende energie — rijp rood fruit, rokerige kruiden en een minerale spanning die uit de grond zelf lijkt te komen.
Hij houdt van luchtige, goed drainerende gronden: kalk, zand en steen, maar in Lazio bewijst hij dat ook vulkanische aarde elegantie kan schenken.

